Hoofdstuk één

Er is een maand verstreken sinds het inzamelingsbal op de kazerne. Rani kan haar eerste indrukken aan Stephan niet vergeten. Telkens Andreas zijn werkverhalen met haar deelt en ze zijn naam hoort vallen, denkt ze terug aan die helderblauwe ogen die haar niet schijnen los te laten. Hij is zo anders dan haar Andreas, en toch, als ze de verhalen van haar echtgenoot aanhoort, toch ook zo hetzelfde. Met zijn veertig jaar is hij net iets ouder dan zij en twee jaar jonger dan Andreas. Hij begon zijn carrière als achttienjarige knaap in het Belgische leger, waar hij maar liefst vijftien jaar ons land diende en verdedigingsmissies uitvoerde in het buitenland. Zodra hij afzwaaide als beroepsmilitair, meldde hij zich aan bij de lokale brandweer, doorliep zijn opleiding en startte als beroepsbrandweer. Redden en de held uithangen, dat was wel het plaatje dat volgens haar volledig bij Stephan paste. Andreas zat volop in zijn verhaal en Rani moest zich ertoe aanzetten haar aandacht erbij te houden in plaats van die helderblauwe ogen die ze een maand geleden voor het eerst zag.
‘Hij blijft er echt zo onwijs rustig onder. Dat heb ik nog nooit eerder meegemaakt. Ik zweer het, lieverd, als hij zou proberen om op te klimmen, die Stephan wordt kolonel voordat we vijf keer met onze ogen kunnen knipperen. Maar het interesseert hem gewoon niet.’
‘Hoezo, het interesseert hem niet?’
‘Nee, hij wil die verantwoordelijkheid niet dragen. Hij is tevreden met zijn rang als sergeant en hoger wil hij niet.’
‘Als dat zijn keuze is, dan is het ook zo. Dat kan je hem niet kwalijk nemen.’
‘Nee, dat is zo. Maar… Hoe moet ik het zeggen.’ Hij ademt even diep in en laat zijn gedachten met zijn uitademing mee naar buiten komen. ‘Hij heeft er echt wel de kwaliteiten voor. Weet je. Hij is rustig, behoudt goed overzicht, hij heeft een goede mensenkennis.’
‘Als hij het echt niet wil, dan ga je hem niet kunnen overhalen hoor.’ Ze drukt een kus op Andreas’ voorhoofd en staat recht uit de sofa waar ze gezellig samen neerzitten. ‘Wat wil je eten vanavond? De kinderen zijn bij jouw ouders, dus we kunnen ergens naartoe als je wil.’
‘Ow ja, dat wilde ik je nog vertellen. Ik heb al gereserveerd.’
‘Jij hebt al gereserveerd?’ Rani kijkt hem verwonderd aan. ‘Hoezo?’
‘Ik was met Stephan in gesprek eerder. Over hoe hij nu altijd alleen thuis zit en dat het toch een hele aanpassing is voor hem en zo. Weet je?’
‘Ja, dat snap ik. Maar wat heeft dat in godsnaam te maken met het feit dat jij al gereserveerd hebt voor vanavond?’
‘Ik heb voor ons drieën gereserveerd. Ik dacht, dan zit Stephan niet nog eens een avond alleen en zo leren jullie mekaar ook wat beter kennen.’ Oh nee, dit kan hij niet menen! Dat komt niet goed.
‘Ok. Euh.’ Rani zoekt de juiste woorden om haar verbazing zo min mogelijk te laten merken. ‘En euh, waar heb je gereserveerd?’
‘Niets bijzonder hoor. Gewoon bij ’t Koetshuis hier in het dorp.’
‘En hoe laat heb je dan gereserveerd?’
‘Tegen zeven. Stephan rijdt meteen daar naartoe. Dus heb je nog een goed uurtje om je nog klaar te maken als je dat nodig vindt. Hoewel je er nu al fantastisch uitziet.’
‘Slijmbal.’ Ze kust hem opnieuw op zijn voorhoofd voordat ze naar de badkamer gaat om snel een douche te nemen en frisse kleding aan te trekken.

Zodra ze ’t Koetshuis binnenkomt, valt haar oog meteen op Stephan. Zijn blonde haren liggen losjes en speels. Hij draagt een simpele, grijze trui en staat meteen op om Andreas en haar te begroeten.
‘Hey, dat is even geleden.’
‘Alweer een maand hé. Sinds het inzamelingsbal.’
‘Inderdaad.’ Hij gebaart met zijn handen naar de stoelen tegenover hem aan de tafel. ‘Zet jullie.’ Zelf neemt hij ook weer plaats, waarna hij meteen zijn hand opsteekt om aan te geven dat ze wat willen bestellen.
‘Ik heb gewacht op jullie. Het leek me zo onbeleefd de kaart al te vragen als jullie nog moesten toekomen.’
‘Geen probleem.’ Antwoordt Andreas. Een zaalmedewerker brengt drie menukaarten en blijft even aan hun tafel staan.
‘Wensen jullie al iets te drinken te bestellen?’ Rani scant snel de pagina met aperitieven en knikt bevestigend.
‘Een rode martini voor mij, alsjeblief.’
‘Voor mij graag een sherry zonder ijs. Stephan?’
‘Euh,’ Stephans ogen scannen de pagina in de menukaart voordat hij opkijkt naar de medewerker. ‘Doe mij maar de aperitief van het huis.’ De kelner noteert alles en laat het gezelschap in hun keuze.

‘Wat denk jij voor morgen? Grote prijs van Spanje. Denk je dat Ralph het morgen haalt?’
‘Geen idee, hij start alvast niet vanuit pole. Jake heeft vandaag de pole position veroverd voor morgen.’
‘Ja, het gaat echt wel tussen hen hé. Weer.’
‘Zijn ook de twee grootste teams hé. Nu ja, Jake heeft intussen al wat, zes wereldtitels, Ralph twee. En hij is een Belg, dus van mij mag Ralph weer met die wereldtitel aan de haal hoor.’ Rani neemt haar telefoon en scrolt van scherm naar scherm terwijl de mannen nog wat verder uitweiden op het huidige formule één seizoen.
‘Wat is er lieverd, vervelen we je?’
‘Denk je?’ Met een gespeelde geïrriteerde blik kijkt Rani Andreas aan. ‘Nee hoor, doe rustig verder. Ik ben écht zo geïnteresseerd in formule één.’ Dit keer druipt het sarcasme er duidelijk van af.
‘’Nee, sorry, hadden we niet moeten doen. Sorry dat ik erover begon, Rani.’
‘Geen probleem, Stephan.’ Met een glimlach legt ze haar mobiele telefoon weer weg. ‘Vertel eens, wat interesseert jou nog, buiten formule één en dagelijks de held uithangen?’
‘Dagelijks de held uithangen?’
‘Brandweerman…’
‘Ow ja, nou, zo bekijk ik het niet hoor.’
‘Andreas ook niet. Maar jullie zijn wel helden.’
‘Het is maar net hoe je het bekijkt.’
‘Vertelde Andreas me niet dat jij in het Belgisch leger gezeten hebt?’
‘Ja, inderdaad. Vijftien jaar. Begonnen bij de landmacht en zo doorgegroeid naar DOVO.’
‘DOVO? Is dat niet die eenheid die oude bommen uit de oorlogen opruimt?’
‘Inderdaad, ja.’
‘Hoe kom je daar terecht?’
‘Ik heb twee buitenlandse missies gedaan. Toen was ik nog para. Na een jaar in Afghanistan en een jaar in Afrika, voelde ik er meer voor om in eigen land een bijdrage te delen. En ik heb altijd een passie gehad voor explosieven.’
‘Een passie voor explosieven? Moeten we nu bang worden?’
‘Nee hoor.’ Hij lacht met haar gespeelde angst. ‘Absoluut niet. Ik weet net hoe ik het op moet ruimen. Met de juiste gereedschappen dan toch.’ Voordat hij zijn verhaal kan vervolgen, worden hun bestellingen aan tafel gebracht. De korte onderbreking zorgt er voor dat het gesprek al snel een andere wending op gaat.

Voldaan van een goede maaltijd en zeer aangenaam gezelschap, zet Rani zich in de auto. Andreas start de wagen en rijdt rustig de parking af. Het is opmerkelijk stil in de auto nadat ze de ganse avond non stop hebben gebabbeld met mekaar en met Stephan. Eenmaal thuis parkeert Andreas in hun garage, sluit de poort en blijft net iets te lang zitten. Rani sluit haar portier weer en draait zich naar Andreas.
‘Wat scheelt er?’
‘Niets.’ Rani gelooft er niets van. Een licht bedrukte blik ligt in Andreas’ ogen.
‘Niets? En dat geloof je zelf? Je hebt geen woord meer gezegd sinds we vertrokken zijn. Nu wil je precies gezellig alleen in de wagen blijven zitten. En ik moet geloven dat er ‘niets’ is?’ Een kleine zucht ontsnapt zijn keel.
‘Niets ergs. Gewoon. Ik was even aan het denken.’
‘En doet dat pijn?’ Hij kijkt haar aan, beseffend dat ze een vleugje humor in hun gesprek probeert te mengen.
‘Het viel me vanavond op hoe goed het klikt tussen Stephan en jou.’
‘Ja, en dan?’
‘Zo klik je met geen van mijn collega’s?’
‘Wat zeg je nu. Wel toch. Met Peter en John kan ik het toch ook heel goed vinden.’
‘Je kan inderdaad heel goed met hen om. Maar het is anders. Vanavond was anders. Vanavond was..’ Hij aarzelt even, weegt zijn woorden voordat hij ze in de lucht gooit. ‘Vanavond leek het meer op een avond uit met Maike of Denise.’ Hij kijkt haar plots wat verlegen aan, waardoor ze nog meer van de kaart wordt gebracht.
‘Hoe bedoel je?’ Duidelijk nadenkend over zijn woorden, laat ze deze één voor één tot haar doordringen. ‘Heb ik dan ergens aanleiding gegeven om…’ Weer denkt ze na, gaat ze in gedachten haar gangen van die avond na. ‘…dat hij zou denken dat ik iets met hem wil?’
‘Dat denk ik niet. Ik weet het niet.’ Hij legt zijn hand op haar hand en kijkt haar liefdevol aan. ‘Lieverd, ik weet dat we dit allemaal al besproken hebben. En jij hebt me al prachtige nachten bezorgd. Ik had nooit durven dromen een vrouw te vinden die openstaat voor een trio. Laat verdomde staan om dat meer dan één keer te doen.’ Hij haalt even diep adem. ‘En ik weet dat ik ook gezegd heb dat, als jij een trio met een man wil, dat ik je dat evenzeer wil gunnen.’ Opnieuw een diepe ademhaling. ‘Alleen, vanavond voelde dat om de één of andere reden zeer dichtbij, en dat raakte me wel even.’ Ze leunt naar voren, streelt zachtjes langs zijn wang en kust hem teder op zijn lippen.
‘Lieverd toch. Ik hou van jou. Alleen van jou. En ja, Stephan is aantrekkelijk. Maar ik had nog niet op die manier naar hem gekeken. Denk ik toch.’
‘Wel, voor mij voelde het anders. Jij deed anders.’ Hij kust haar terug. ‘Misschien moet je daar ook even over nadenken.’
‘Misschien wel.’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s